zondag 6 mei 2012

Nieuwe burchten gevonden in meivakantie

We hebben een week gevaren op de Maas en de Maasplassen en dat leverde me weer wat ontdekkingen op bevergebied op. 

Ik zal de week in chronologische volgorde doornemen.
Op zaterdagavond 28 april stond ik uren vergeefs op bevers te wachten bij Isabellagreend nabij Herten. Wel veel knaagsporen gezien. 

Op zondagavond 29 april zat ik weer tevergeefs te wachten, dit maal in de kano en bij de burcht aan de zuidkant van de Asseltse Plassen. Van 19.00 tot 21.45 was ik op m'n post, maar nee hoor, geen bever te zien.

Op Koninginnedag was ik daar 's avonds toch weer, we lagen er nog in de buurt. Dus moest ik het van mezelf gewoon weer proberen. 
Na een uur wachten kwamen er ineens drie tegelijk. Eerst zag ik er een die aan een takje knaagde, maar onder dook toen hij mij in de gaten kreeg. Hij zwom voor me langs en dook onder, links voor de kano. 
Terwijl ik hem nog nakeek kwamen er links en rechts van de achterkant van de kano bevers onder water langs me zwemmen en staken daarna allebei hun kop boven water, net voor de kano. 
Ze kwamen vanuit de burcht vermoed ik. Net wakker en klaar om dan even hun behoefte in het water te laten zakken. Maar dat ging niet door, want ze schrokken natuurlijk van me, gaven eensgezind een klap met hun staart op het water en waren verdwenen. Daarna wachtte ik een tijd. Ik zag ze nog wel wat heen en weer zwemmen, maar het was al te donker om foto of filmopnamen te maken. Het waren alle drie zwarte bevers.

Later op de avond toen ik al lang weer lekker warm en gezellig bij Jan op de boot zat, zag ik een bever in het donker voorbij zwemmen. Die kwam van een andere kant en ik had meteen het idee dat die niet van de burcht kwam waar ik die avond was geweest. Er moeten er hier nog meer zitten, dacht ik, dat ga ik later onderzoeken als we weer eens hier zijn.

De volgende dag voeren we naar Kessel. Daar had ik bij de jachthaven al eens sporen gezien. Naast de jachthaven is een inham waar vroeger de boten lagen. Daar is nu alles mooi begroeid, een paradijsje. 
In de kano heb ik de hele omgeving verkend van de jachthaven, de Maasoevers en de inham. Bij de inham vond ik een takkenburcht, opgebouwd tegen de schuine oever en voorzien van een vers laagje modder. 

Natuurlijk heb ik daar die avond gepost. Al vrij snel zag ik er een zwarte bever. Hij verdween met een tak onder water voordat ik ook maar een fotootje kon maken. In de uren erna waren er telkens twee muskusratten die me fopten. Als je beweging in het water ziet denk je dat de bever er is. Maar steeds weer waren het die muskusratten. 

Pas toen het bijna donker was stak een bever z'n kop boven water. Een bruine dit keer, dus een andere. Ook de zwarte kwam weer uit de burcht, maar ze waren beiden erg schuw en ik heb ze nauwelijks goed kunnen zien.

De dagen erna waren we in de buurt van Venlo. Onderweg zag ik natuurlijk wel sporen, maar je kunt niet overal op onderzoek uit. 
We fietsen in de buurt van Maasbree en ik zocht ook bij de Everlose beek. Niets te zien, geen knaagspoor te bekennen. Maar wat schetst mijn verbazing: juist de dag dat wij daar waren heeft iemand er 's morgens vroeg een zwemmende bever gefotografeerd. Dat las ik zojuist op Waarneming.nl.

Twee dagen later, op 3 mei, waren we weer bij de Asseltse Plassen. Op tijd zat ik weer in de kano en ik wilde eerst een inham, de Kleine Eindplas, aan een onderzoekje onderwerpen voordat ik naar de zwarte bevers zou peddelen. Want ik vermoedde dat er nog ergens in de plassen een beverburcht zou zijn. 





Ik keek nog even achterom naar Jan die met de racefiets vertrok en toen ik weer voor me keek was ie er al. Een bruine bever kwam met een vaartje omhoog gezwommen en stak z'n kop boven water. Hier moet dan de burcht zijn, wist ik. 
Een bruine bever, nogal op z'n hoede en hij bleef zeker een uur lang onder de overhangende takken verscholen. Wel steeds knagend, ik hoorde het en zag het aan de beweging van het water. Later kwam er een tweede bever bij, een zwarte. 

Ook die hield zich schuil, maar toen het bijna donker was begon hij rondjes om de kano te zwemmen, snuivend, inspecterend en een paar keer gaf hij een staartklap.

De volgende morgen, 4 mei, was ik er al weer. Koud, dat was het. Pas toen ik een uur had gewacht kwamen even na 07.00 uur met een tussenpoos van 5 minuten de twee bevers terug van hun fourageertocht. De bruine bever kon ik heel even filmen. De zwarte dook meteen de burcht in.



Die avond, tijdens de dodenherdenking, stond ik stil te wachten tegenover een burcht in de Noordplas bij Roermond. Hele avond tevergeefs. Klappertandend ging ik naar de boot terug.

De laatste avond van de vakantie waren we terug in de jachthaven in Stevensweert. Bij m'n favoriete plek, de Molensteens Plas zag ik om 20.30 uur een bever naar me toezwemmen. 


Ik zat op een boomstammetje op de oever. Hij dook onder toen hij recht voor me was en ik was hem kwijt. Ik probeerde over de planten heen te kijken die al verbazend snel groeien. Ik zag niets bewegen, geen golfje in het water. 

Langzaam kwam ik overeind en daar zat ie, slechts een meter of 7 van me verwijderd. Vanachter een omgeknaagde boom keek hij me oplettend aan. Heel mooi! 


Hij bleef me nog even aankijken en dook pas toen heel rustig onder. Ik zag hem nog wat besluiteloos heen en weer zwemmen. Toen vertrok hij naar de andere kant van de plas. 
 









Die gaat oversteken naar de Maas, wist ik. En ja hoor. Even later waggelde hij door het gras naar de onstuimig stromende Maas. De sterke stroming nam hem bijna mee, hij dook onder.




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen