dinsdag 28 augustus 2018

Bevers aan het eten

Net als andere jaren brachten mijn man en ik de vakantie door op onze boot, varend door Nederland. Dit keer verbleven we vooral in de provincies Brabant, Gelderland, Utrecht, Noord- en Zuidholland en via Brabant weer terug naar Limburg. 
Vanzelfsprekend kom je op het water beversporen tegen; dat is ook de reden dat ik met bevers in aanraking kwam en ze al ruim 10 jaar volg.


In het begin vanaf 2007 zag ik alleen de sporen, later ook de bevers. Ik ging ze filmen, fotograferen, lezingen geven, enzovoort. Na al die jaren vervelen de bevers me nog steeds niet. Sterker nog, ik was zelfs teleurgesteld dat we deze vakantie maar zo weinig bevers zagen. Dat had natuurlijk ook met onze route te maken. Ik zag ze alleen bij Kerkdriel (foto rechtopstaande bever) en in de Biesbosch. 

 

We hebben ook ons best gedaan om bij de Nieuwkoopse Plassen, waar we 3 dagen verbleven, naar otters te speuren. Helemaal niets gezien, zelfs geen spraints of visresten. Het enige dat ik zag was een opgezette otter in het bezoekerscentrum van NatuurMonumenten.


Toch moeten daar naar schatting 15 á 20 otters leven. Ik zag er wel de fraaie purperreigers. 





Bevers spotten in de Biesbosch is een stuk lastiger dan in Limburg. Ze komen later naar buiten, gaan eerder naar bed, zijn schuwer en zitten vooral achter de rietkragen. 





 



Je snapt dat ik blij was om in Limburg weer volop van de bevers te genieten. 










Bij Panheel gingen we een avond met vrienden (die nog nooit een bever hadden gezien) in de kano bevers spotten. Het was meteen raak, voordat het donker werd, en ze konden op een fantastische manier kennismaken met mijn favoriete knaagdier.




 
De volgende dag genoot ik van een hele Beverfamilie aan het eten


(Klik op de link en geniet mee) In de plas waar ze wonen is het knalgroen van de blauwalg (groen van kleur in dit stadium), maar daar trokken ze zich niets van aan.



woensdag 27 juni 2018

Jonge bevers komen nu buiten de burcht

Jonge bevers

De eerste jonge bevers komen op sommige plaatsen al buiten de burcht (waar ze de eerste 6 weken van hun leven verbleven). Deze twee werden gefilmd door mijn Duitse 'bevervriend' Klaus Wojtek bij Augsburg. 

Aanvulling; diezelfde avond zag ik ook zelf de eerste jongen van dit jaar buiten de burcht!

donderdag 21 juni 2018

Voor je het weet zijn de dagen weer korter



Met zoveel daglicht valt er op bevergebied veel moois te zien. Gisteravond en vanmorgen zat ik in de kano. 






Op vier verschillende locaties zag ik gisteravond maar liefst 10 bevers. Bij de zomerhaven van Stevensweert zaten er 5, bij de Huiskensplas zag ik er 1 in de schemering, even later nog 1 halverwege de winterhaven en bij de winterhaven (het was al bijna donker) zag en hoorde ik er 3. 






Vanmorgen vroeg beperkte ik me vanwege de harde wind tot 1 locatie, de winterhaven (onze jachthaven, waar ik had geslapen). Daar zag ik weer dezelfde 3 bevers. 
 
 





Als het mooi weer is, zoals gisteravond, heb ik altijd veel last van speedboten, dat is vervelend. Door de golven kan ik de camera niet stil houden. 
Vanmorgen waren de speedbootvaarders nog in diepe rust, maar maakte de wind golven. 












Vanaf vandaag worden de dagen weer korter. Voor je het weet is het 'beverfeest' weer voorbij, dus nu moet het gebeuren!

woensdag 13 juni 2018

Kinderen van groep 1 krijgen 'beverles'

https://www.livingstoneschoolgouda.nl/Schoolnieuws/Schoolnieuws/Article/33356/Gastles-bevers



In groep 1 van de Livingstoneschool in Gouda bij mijn kleindochter mocht ik een gastles geven over bevers. 10 minuten Powerpoint, 8 minuten film en 8 minuten leuke en slimme vragen. Bijvoorbeeld de vraag: Kunnen babybevers al zwemmen?
 
De meeste lezingen geef ik voor een 'grijs' publiek, maar de kleintjes waren ook heel geïnteresseerd. Na afloop gingen ze trots naar huis met een knaaghoutje. 


Binnenkort mag ik waarschijnlijk op herhaling bij de groepen 1 en 2 van basisschool De Es in Hellendoorn. Mijn beide kleinzonen willen dit ook wel eens meemaken.

Via de link hierboven is een verslagje te lezen met foto's via de website van de school (dus allemaal verantwoord volgens de privacywetgeving).  


vrijdag 8 juni 2018

Beversporen namaken? Dat lukt je niet!


Een bever die bij Tongeren/Epe midden op de Veluwe twee naaldbomen doorknaagt? Op Waarneming.nl verschenen 2 foto's die door de admin werden goedgekeurd. Ik kon er met mijn pet niet bij en meldde via de site dat hier een 'grappenmaker' aan de gang was geweest. De waarneemster stuurde me toen op verzoek een iets duidelijkere foto en daarop was goed te zien dat het hier een doe-het-zelf-actie betrof.
Daar had ik onderstaande verklaring voor. Zie ook de verschillen bij beide foto's.



 



Hier is een mens aan het werk geweest. Inderdaad, hij of zij of ze hebben hun best gedaan. Toch zijn er genoeg aanwijzingen waarom dit niet van de bever is.










-Bevers wonen altijd bij water dat diep genoeg is om in te zwemmen.
-In deze omgeving zijn nog niet eerder beversporen aangetroffen, wat natuurlijk geen sluitend argument is, maar het maakt de waarneming wel heel erg dubieus.
-Bevers knagen bomen om die dicht bij het water staan, niet ergens in een bos. Ook niet als ze verdwaald zijn.
-Dit lijken verse sporen en ook dat is vreemd. Bomen worden in de herfst en de winter doorgeknaagd.
-Het lijkt erop dat het hier naaldhout betreft, dat eten bevers doorgaans niet.
-De spaanders lijken niet op de zogeheten ‘beverchips’. Die hebben een tandafdruk met een kleine deuk in het midden. Ze zijn meestal langwerpig en licht gebogen. Ze zijn niet vierkant en loodrecht afgezaagd zoals de spaanders bij Tongeren.
-De sporen op de boom zijn loodrecht ingehakt met een bijl, daarnaast heeft men zijn uiterste best gedaan om er het reliëf van de bevertanden op achter te laten, maar het is allemaal te hoekig en te recht.
-Bevers trekken repen bast van de boom, alvorens ze beginnen met knagen. Deze bast is er met een voorwerp afgehaald.
-De vorm waarin de boom is geknaagd is niet typisch een potloodvorm, wat bevers nagenoeg altijd doen.
- Alle spaanders lijken even vers, dat is bij beverknaagwerk nooit het geval.




Je moet van goeden huize komen om de sporen van een bever na te maken. Als je 2 bomen in een bos vernielt, kom je so-wie-so niet van goeden huize.

 

Rond 1 april werden er knaaghoutjes gevonden van bevers in De Doort bij Echt. In tegenstelling tot Tongeren een goede plek voor bevers. Maar ook dat was niet waar. In de hele omgeving waren geen andere beversporen te vinden en ook nadien niet. De waarnemer had zelf direct al twijfels. 

We konden er de grap wel van inzien, zo rond 1 april. Maar het vernielen van bomen vind ik wel een stap te ver.

De melding op Waarneming.nl is inmiddels door de waarnemer verwijderd. 



woensdag 30 mei 2018

Mijn eerste beverwaarneming bij De Turfkoelen


Mijn man deed vanavond mee aan de wedstrijd tijdrijden op De Meinweg, bij Herkenbosch (L). We proberen altijd zoveel mogelijk onze passies te delen. Dus na het startschot en mijn kreet: "Zet em op Jan!", ging ik er zelf ook als een speer vandoor, maar dan de andere kant op. 


Bij De Turfkoelen zag ik even voor half negen een zwarte bever. Een paar maanden geleden wandelden we hier en we zagen er beversporen. Ik vond het nu een mooie gelegenheid om te proberen of ik er ook een bever kon spotten. 

Gelukt dus, een zwarte bever gezien. Heel even maar en alleen zwemmend, maar toch! 

Jan reed een knappe tijdrit, heen en weer over De Meinweg: 13,7 km in 20.50 min. Gemiddeld is dat 39,6 km/uur.
 
Allebei een leuke avond gehad.

zondag 29 april 2018

Waterschap Limburg doodde 15 bevers (5)



Waterschap Limburg doodde 15 bevers



Het Waterschap Limburg doodde in de eerste vier maanden van dit jaar 15 bevers. In een persbericht zette Waterschap Limburg (WL) de noodzaak daarvan uiteen. (zie blog van 24 april)  Op de vele vragen die er bij mij nog overbleven kreeg ik uitgebreid antwoord. Te uitgebreid om dat in één blog te proppen, dus ik doe dat in delen.



In blog 1 ging het over de wijze van vangen en doden. In blog 2 over de situatie in Obbicht die aanleiding gaf om  bevers te vangen. In deel 3 vertelde ik over mijn ervaringen met de bevers in Obbicht en in 4 wierp ik de vraag op: Wat doen we met gevangen/gedode bevers?

In dit laatste blog wil ik graag nadenken over de toekomst van de bevers in Nederland en met name in Limburg.





De discussie over de grote grazers in de Oostvaardersplassen laat zien dat Nederland een land is waar je de natuur niet altijd zijn gang kunt laten gaan. Zeker als er een hek om zit moet er populatiebeheer plaatsvinden, al zullen over de manier waarop nooit alle neuzen dezelfde kant op staan. 
Bij de bevers zit er geen hek om en toch ontkomen we op sommige plekken niet aan het nemen van maatregelen, omdat de overlast en de daarmee gepaard gaande kosten te groot worden.



De initiatiefnemers van het bijplaatsen van bevers in Limburg hebben al in 2000 de provincie opgeroepen na te denken over populatiebeheer.

Dat was dus vóórdat in Limburg ruim 30 bevers werden bijgeplaatst, want dat gebeurde tussen 2002 en 2004. Er zaten toen al enkele jaren solitaire bevers in de Swalm, de Roer, de Worm en de Niers die vanuit Duitsland in Nederland waren gekomen. Vanuit België kwamen bevers naar Limburg via de Maas. In de Biesbosch waren ze in 1988 uitgezet.


Duidelijk is dat bevers hoe dan ook ooit Limburg zouden bevolken. Ik word daarom wel eens een beetje moe van mensen die boos roepen dat men ze hier niet had mogen uitzetten en beter na had moeten denken.

We hebben als land met zijn allen democratisch besloten dat bevers hier zouden worden geherintroduceerd, want ze horen hier van nature. Ik ben nog steeds heel blij met dat besluit, want de bever is een fantastisch dier dat zijn bijdrage levert aan de biodiversiteit en ook nog eens heel leuk is om te volgen. Denk niet dat ze alleen maar geld kosten, ze bezorgen veel mensen plezier en kunnen ook financiële voordelen opleveren. In het gebied Vuilbemden bij Roermond losten de bevers gratis en voor niks een verdrogingsprobleem op door de aanleg van hun dammen. Kassa!



Dat de groei in Limburg zo snel zou gaan was echter niet voorzien, dat komt door de grote genetische variatie die de bevers in b.v. de Biesbosch niet hebben.

Die snelle aanwas heeft wel tot gevolg dat in Limburg de eerste problemen zich aandienden. Er is – omdat de 2 waterschappen en de provincie elkaar de financiële bal bleven toespelen -  veel kostbare tijd verloren gegaan voordat het bevermanagement binnen het Faunabeerplan 2015-2020 van de Provincie er was.



Maar nu is het er dan en ik ben er blij mee, want nietsdoen betekent dat de problemen fors gaan toenemen. Het is nodig dat er regels zijn waar we elkaar op kunnen aanspreken. Het  houdt in dat - wanneer alternatieven zoals rasters, schadevergoeding, aankoop van leefgebied of overplaatsing echt niet meer mogelijk zijn - bevers gedood kunnen worden. Alleen díe bever(familie)s die onacceptabele problemen veroorzaken worden gedood, zoals schade in landbouwgebied of graafschade aan dijken. 

Door slimme maatregelen en de inzet van ‘bevermaatjes’ kan er goed worden samengeleefd met de bevers. Op plaatsen die zijn aangewezen als kansrijke gebieden zal altijd een gezonde populatie gehandhaafd blijven en wordt niet ingegrepen. De Provincie heeft toegezegd in die gebieden te investeren in natte natuur. Ook is uitgesproken dat er minimaal 500 bevers in Limburg moeten leven, het mogen er ook méér zijn. 
Door sommige media werd dit verdraaid tot de uitspraak: “In Limburg gaat men 500 bevers doden”.

Het Beverprotocol Limburg is mede opgesteld vanuit ervaringen in de Duitse deelstaat Beieren waar al jaren op een dergelijke manier wordt gewerkt. Het zal een voorloper voor andere provincies blijken te zijn. In Groningen en Drenthe dienen zich de eerste problemen al aan.  



In de toekomst is naar mijn idee het beleid zoals dat nu wordt uitgevoerd blijvend en ik verwacht zelfs dat het geïntensiveerd moet worden. Moet dat allemaal door WL worden opgelost? 
Er komen jaarlijks heel veel bevers bij. Ik signaleer de laatste jaren dat de Limburgse bevervrouwtjes steeds grotere worpen krijgen. Toen ik begon met bevers spotten zag ik bij elke familie meestal 2 jongen. Sinds een jaar of vier zie ik steeds vaker 3 of 4 jongen. Zo ook op de vangplek bij Obbicht; daar werden 3 jonge bevers gevangen en waarschijnlijk zwemt er nog een 4de jong van vorig jaar vrij rond. Die liet zich niet vangen.

Als mijn waarneming juist is moet er ook een verklaring voor zijn. Ik denk dat de eerste bevervrouwtjes die werden uitgezet nog niet dié genetische variatie hadden die er nu is. Die eerste generatie Limburgse bevervrouwen is gaandeweg de jaren vervangen door een volgende generatie, die veel vruchtbaarder is. Vaak hoor ik dat overpopulatie zichzelf reguleert en dat door voedselschaarste en stress de vrouwtjes vanzelf minder jongen krijgen. Daar geloof ik voorlopig niets van!



Natuurlijke vijanden van de bever zijn schaars. Mochten er otters in Limburg komen, dan kunnen die hier en daar een jong bevertje uit een burcht roven. Otters kunnen immers via de onderwateringang naar binnen. Er zijn natuurbeschermers die de wolf een grote rol toedichten bij het in de hand houden van de reeën-, zwijnen- en beverstand en die menen dat wolvenroedels zelfs de jacht overbodig maken, maar dat lijkt mij een onrealistische wensgedachte. Het zal de mens moeten zijn die bij problemen de populatie beheert, mooier kunnen we het niet maken.



Ik vrees dat er nog een ander probleem bij gaat komen en dat is de publieke verontwaardiging over het sneuvelen van te veel bomen in stadsparken, bij visvijvers en in wandel- en recreatiegebieden. Dat is natuurlijk geen financieel probleem en het Waterschap hoeft het niet op te lossen. 
Er valt ook veel tegen in te brengen want bomen die in het water liggen vormen paaiplaatsen, bieden broedgelegenheid, botten weer uit, enzovoort. Toch begrijp ik dat mensen het niet fraai vinden. 
Ik hoor in het veld veel negatieve reacties hierover. Ook via mijn blog en Facebookpagina krijg ik vaak klachten over de knaagwoede van de bevers; “Het is een slagveld hier!”, hoor ik, of: “Wat een bomenkerkhof!” 


Het is een esthetisch probleem, maar er komt misschien een moment dat bestuurders hier toch wat mee moeten. Bomen beschermen met gaas of antivraatpasta is op veel plekken de beste optie.

Zelf heb ik er ook wel eens moeite mee. Als er weer een paar bomen het loodje leggen terwijl de vorige nog niet zijn opgegeten hoor ik in mijn hoofd de stem van mijn moeder: ”Eet eerst je bordje leeg!”